1. De eerste speler combineert twee of meer letters tot een woord en plaatst dit horizontaal of verticaal op het bord, met één van de letters op het middelste stervakje. Diagonale woorden zijn verboden.
2. De speler telt zijn punten en noemt het totaal. Daarna neemt hij nieuwe letters voor het aantal dat hij op het bord heeft gezet, zodat er weer 7 letters op zijn rekje staan.
3. Het spel wordt gespeeld met de wijzers van de klok mee. De tweede speler, en daarna iedere volgende speler, voegt één of meer letters toe aan de woorden op het bord. Op die manier worden nieuwe woorden gevormd. De letters waarmee men speelt, moeten steeds op één lijn op het bord geplaatst worden: horizontaal of verticaal. Zij moeten complete woorden vormen met alle woorden of letters die al op het bord staan en waar zij boven, onder of naast komen te liggen. De speler krijgt punten voor alle gevormde of gewijzigde woorden.
4. Nieuwe woorden mogen worden gevormd door:
a. Het toevoegen van één of meer letters aan een woord of aan letters die al op het bord staan.
b. Het rechthoekig plaatsen van een woord aan een woord dat al op het bord staat. Het nieuwe woord moet één van de letters bevatten van het woord dat al op het bord ligt, of er moet één letter aan worden toegevoegd.
c. Het plaatsen van een compleet woord parallel aan een woord dat er al staat, zodat de bijgekomen letters ook complete woorden vormen.
5. Nadat de beurt is beëindigd door het tellen en noemen van de punten, zijn de letters definitief geplaatst en mogen zij niet meer worden verzet.
6. De twee blanco blokjes mogen voor elke gewenste letter worden gebruikt. Als een speler een blanco blokje gebruikt, moet hij aangeven welke letter dit voorstelt. Geen van de spelers mag dit gedurende het spel veranderen.
7. Elke speler mag zijn beurt gebruiken om één, meer of alle letters van zijn rekje om te ruilen. Hij doet dit door de letters om te draaien en hetzelfde aantal nieuwe letters te nemen. Daarna mengt hij zijn oude letters tussen de letters die nog in de pot zitten. Vervolgens wacht hij op zijn volgende beurt.
8. Alle woorden uit een gewoon woordenboek zijn toegestaan, behalve eigennamen en woorden die met een hoofdletter beginnen, vreemde woorden, afkortingen en woorden met apostrofs of koppeltekens. Raadpleeg het woordenboek alleen om de spelling of het gebruik van een woord na te kijken. Is men het met een bepaald woord niet eens, dan bespreekt men dit vóór de volgende speler begint. Als het betreffende woord niet wordt goedgekeurd, neemt de speler zijn blokjes terug en verliest hij zijn beurt.
9. Het spel is afgelopen wanneer de pot leeg is en:
a. één van de spelers geen letters meer heeft; of
b. niemand meer een woord weet te vormen.